De sinasappel

— De wetenschappers van het ‘global intelligence instituut’ liepen op een ochtendwandeling door de boomgaard van de de Californische woestijn. Ze bewonderden het fruit, de dikte van de stammen van de sinasappelbomen, het frisse groen dat tussen de bomen opschoot:
‘Hoe is het mogelijk dat een woestijn zo veel vruchten geeft, zo veel gewassen op laat schieten’, zei een van hen, een jongen met een dikke haardos en een donkere bril. Hij detoneerde tussen de mannen in het gezelschap dat meest uit vijftigers bestond.
De mannen keken vreemd naar hem op: hoe kon een intelligente jongeman zulke voor de hand liggende vragen stellen?
De jongen persisteerde echter:
‘In de wereld bestaan allerlei landschappen waarvan sommige zo droog dat er niets groeit, er zijn geen wolken die kunnen regenen. Ik weet niet wat het betekent maar er moet een diepere betekenis zijn voor de dorheid.’
Daarop werden de mannen erg kwaad:
“‘Global intelligence’ is de intelligentie van de mens die heerst over de aarde, zo staat het in de Bijbel, maar dat is het punt niet. Dat de aarde aan de mens ter beschikking is gesteld betekent betekent dat wij hte naar ons beeld en behoefte in kunnen richten.’
Ze keken naar de jongeling die met grote passen vooruit stapte, zijn armen spreidde, eerst opzij, toen naar boven, alsof hij ze in de blauwe hemel vloeien liet. Hij nieste drie keer en werd doorzichtig, nog een luchtspiegeling boven de hete aarde.
‘Och’, zei een van de professoren in het gezelschap, ‘hij past niet bij ons, zie hoe hij zich onttrekt aan onze kennis.’
Een andere nam een sinasappel van de boom en begon deze van zijn schil te ontdoen. Toen hij hier mee klaar was hield hij niets over, alleen de geur hing in zijn neus. …

CC BY-NC 4.0
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial 4.0 International License.